Consumenten : Financieel
Uit Estalentao
- Wonen
- Financieel
- Werken
- Vrije Tijd
- Vervoer
- Gezondheid
- Winkelen
- Reizen
Pensioentekort
Veel Nederlanders waaronder ondernemers hebben vaak een pensioentekort. Dit komt doordat het pensioengeld niet is ondergebracht bij een pensioenfonds maar bij een beschikbare premieregeling.
Mede door de creditcrisis en de ingestorte beurskoersen zijn veel ondernemers behoorlijk wat geld kwijt wat eigenlijk bedoeld was voor hun pensioen. Een oplossing hiervoor is om een lijfrentepolis af te sluiten waarmee zo het tekort aan geld kan worden aangevuld. De lijfrentepremie mag worden afgetrokken en u heeft recht om gebruik te maken van de normale regels. Veelal wordt er gedacht dat een ondernemer niet voor zijn pensioen hoeft te zorgen omdat deze later van zijn bedrijf kan leven. Door dit te denken neemt de ondernemer wel een risico omdat je nooit van te voren kan weten wat het bedrijf zal opbrengen. Het opbouwen van een pensioen is wel een extra aftrekpost en beslist niet duur. U hoeft namelijk de betalingen naar de bv niet werkelijk te doen, maar dit mag ook zodanig in de boekhouding middels een overschrijving op papier. Daarnaast kunt u als ondernemer ook gebruik maken van de FOR. Dit is de Fiscale Oudedag Reserve. Jaarlijks kunt u een gedeelte van de winst bestempelen als pensioenopbouw en daardoor hoeft u hier geen belasting over te betalen. Alleen als uw bedrijf wordt beƫindigd dan dient er wel te worden afgerekend met de fiscus. Ieder jaar mag u maximaal 12% van de winst aftrekken om te gebruiken voor uw pensioen. Mocht u toch besluiten om te stoppen met uw bedrijf laat u dan goed informeren wat u met het apart gezette geld wilt gaan doen, zonder hier al teveel belasting over te moeten betalen.
De levensloopregeling
De levensloopregeling is een regeling die voorziet in een periode van onbetaald verlof, achteruitgang van salaris of een sabbatical. Vanaf 1 januari 2006 is deze levensloopregeling in het leven geroepen. Iedere werknemer heeft het recht om hier voor te sparen.
De werknemer kan aangeven voor welk doel hij wil gaan sparen en de werkgever is verplicht om hieraan mee te werken. Jaarlijks mag er 12% van het inkomen worden ingezet om te sparen voor de levensloopregeling. Werknemers die op 1 januari 2005 minimaal vijftig jaar waren maar nog geen vijfenvijftig kunnen gebruik maken van de overgangsregeling. Dit houdt in dat ze meer mogen sparen dan 12% per jaar. Voor ieder werknemer geldt dat ze niet meer mogen sparen dan 210% van het jaarsalaris per jaar. Als u het spaartegoed toch nog wilt laten groeien dan kan dit door middel van een spaarrente of een beleggingsrendement. Ook mag u tussendoor een bedrag opnemen als u geld nodig heeft, want dit wordt later ook weer aangevuld. U kunt ervoor kiezen om te sparen bij een bank, verzekering of een pensioenfonds. Er worden diverse varianten aangeboden zoals een spaarrekening, beleggingsrekening of een verzekeringsvariant. Bij de beleggingsvariant loopt u natuurlijk wel een risico doordat het belegde geld kan dalen in waarde. U zult deze tekorten zelf weer moeten aanvullen. Iedere werknemer kan zelf bepalen hoeveel er wordt uitgekeerd bij verlof. Dit kan 70% zijn van het opgebouwde kapitaal, maar het mag ook een bedrag tot 100% zijn. Hoe lager het percentage hoe langer er gebruik kan worden gemaakt van het opgebouwde spaartegoed. Bij uitkering wordt het geld overgemaakt naar de werkgever die hierover de verschuldigde loonbelasting betaald, waarna het geld wordt overgemaakt naar de werknemer. Laat u vooraf goed informeren naar de levensloopregeling zodat u in tijden van geldnood altijd een appeltje voor de dorst heeft.